Ik zeil in Zeeland

Ik zeil in Zeeland
Meer info over het boek
Posts tonen met het label test. Alle posts tonen
Posts tonen met het label test. Alle posts tonen

woensdag 14 september 2016

Vorig weekend had ik de Smartroller geinstalleerd, en er hier een verslagje van geschreven, nu werd het tijd om de Smartroller te gaan testen.
Vooraleer ik kon uitvaren, trok ik eerst met mijn genua naar Bruinisse Marina.
De zeilmaker daar, Elvstrom - met zaakvoerder Maxim Van pelt, kon de genua inkorten terwijl ik er opwachtte. (T+31 655 772 336)
Toffe service!
In totaal moest ik de genua 30cm laten inkorten.
De topwartel is net 10cm van beugel tot oog, de trommel onderaan is 19cm.
Gezien mijn genua bemeten was tot op de maximale lengte die ik kon hijsen, moest er nu dus een stuk af onderaan.

Eens terug aan boord zette ik de genua op de Smartroller, trok het zeil op, en rolde het dan op. Dit ging erg vlot.

Uiteindelijk was mijn bestemming een meerboei aan eiland Tiengemeet.  Nabij de Volkeraksluis rolde ik de eerste keer de genua op.  Nu ging het ietsje stroever. De reden is de spanning op het voorlijk.  Ik had deze nu, bij wijze van test, flink aangehaald met de hand (nog niet met de lierhendel), en dat heeft uiteraard invloed.
Ook had ik aan de top een U-sluiting gebruikt.  Dat is af te raden omdat het de wartel en de voorstag hindert bij het oprollen.

Eens aan de meerboei heb ik die U-sluiting vervangen door een snelsluiter met warteltje.
Ook onderaan de U-sluiting weg en een snelsluiter geplaatst.

Naarmate de avond valt, valt normaliter ook de wind weg, maar deze nacht niet.  De wind bleef toenemen, en de golfslag werd zo hinderlijk dat ik verkaste naar een andere meerboei, maar dat hielp nauwelijks.
Het werd een 'hobbelige' nacht. Tot pakweg 3 uur bleef het stampen, rollen, kraken, rammelen. Daarna werd het eindelijk rustig en kon ik toch nog een uurtje of drie slapen.

De ochtendstond heeft goud in de mond: zalig wakker worden op een rustig Haringvliet.
Spiegeleitje, bialetti koffietje: heerlijk ontbijten in de kuip.
De tocht ging vandaag naar Stellendam, en uit ervaring weet ik dat het vaak wat sterker wait aan de westzijde van eiland Tiengemeet, dus geen genua vandaag, maar mijn grootste fok.
Die ging op de Smartroller en deze keer zette ik er spanning op met de lierhendel.
Het oprollen is nu stroef te noemen.  De truc is dus om er pas spanning op te zetten als het zeil afgerold is, en er eveneens de spanning af te halen net voor je oprolt, dan gaat het vlotter.
In elk geval is de snelsluiting met warteltje een aanrader, dan rolt het veel beter op.

Ik hield nog een tussenstopje bij eiland Tiengemeet waarbij ik vlotjes tussen een overzet en een rondvaartbootje door manoeuvreerde naar het steigertje.  Ik moet hier echt eens voor een hele dag naartoe komen en zo'n wandeling over het eiland doen. Lijkt me de moeite waard.
Er passeerde nog iemand langs mijn boot die naar mijn diepgang vroeg.  Ik mat met de dieptemeter die moment 1,8m.  Maar gezien men op het Haringvliet geen vast waterniveau heeft, zou ik zeggen: minimum 1,5m.

In Stellendam bood ik mijn boekje aan in de lokale watersportwinkel. De man was wel geinteresseerd, dus waarschijnlijk is het daar begin volgend jaar ook te koop.

Zaterdag zeilde ik in één stuk terug naar mijn eigen haven. De wind stond de hele tocht net iets te scherp om een bezeild traject te hebben. Het werd licht kruisen. Uiteindelijk heb ik er 8 uur over gezeild.
Dankzij de Smartroller heb ik nu een vrij voordek wat erg handig is bij het afmeren aan een meerboei, het ankeren, of in sluizen.
Toch kreeg ik meermaals het advies om zeilen niet op een fokroller te laten staan: zowel de leuvers als het rammelen beschadigen snel de zeilen, en dan heb je nog het nadelige effect van het zonlicht dat het doek snel beschadigt.
Ik haal dus mijn zeilen steeds van de roller af.  En dankzij het feit dat de Smartroller daar voor ontworpen is, gaat dat erg vlot.

Al bij al ben ik zeer tevreden met deze Smartroller.


Voor bij wie de interesse gewekt is:

Erwan Groenendijk
info@smartroller.nu
www.smartroller.nu

Zonsondergang op het Haringvliet

Aan het steigertje aan eiland Tiengemeet

maandag 17 augustus 2015

Sail-Ya gaat elektrisch!

Maar niet voor lang...

Ik was er al lang mee bezig: de benzinemotor stinkt, maakt veel lawaai, weegt zwaar en vraagt elk jaar onderhoud. Dat kan anders en beter.
Vroeger, in mijn vorige blog, schreef ik al eens over Torqeedo, een degelijke, duitse, elektro motor. Knap materiaal maar prijzig.
Omdat ik een paar weekend geleden in Middelharnis een J22 zag binnen lopen met een Travel 1003L was mijn interesse opnieuw aangewakkerd. Na een babbeltje met de eigenaar was mijn keuze gemaakt: ik waag het er op!

Daarna ging het snel: nog geen week later was mijn benzinemotor al verkocht, en hing de Travel 1003 op de motorsteun.

Zo'n elektrische motor heeft zeker zijn voordelen: hij zoemt alleen maar, heeft nauwelijks onderhoud nodig, geen benzinegeur, geen vieze uitlaatgassen, weegt ook een stuk minder en de kost voor brandstof valt weg. kortom: DE TOEKOMST!
Volgens de specificaties zou de Travel 1003 L geschikt zijn voor boten tot 1500kg. Mijn Sail-Ya weegt 1350kg, dus dat moet allemaal lukken.

De afstandsbediening:
simpel aan te sluiten
Om de autonomie te vergroten kocht ik een tweede batterij bij, en meteen ook een afstandsbediening.
Kostprijs voor alles samen doet wel wat pijn: 2650 euro.
Maar een mens moet iets over hebben voor het milieu, en de gemakken zijn het mij wel waard.

De ontnuchtering

Na een eerste testvaart begon er helaas een belletje te rinkelen: Voor amper 1,5 NM  had ik al 11% batterij verbruikt... en de stiekeme verbruiker zijn de manoeuvres om uit- en in je box te varen bijvoorbeeld.
Volgens de specs vaar je op halve kracht een 8NM, en dat aan een snelheid van 2,5 knopen.  Traag, maar wel aangenaam. Zo vaarde ik stiekem langs een blauwe reiger, en langs en groepje kievitten, iets dat vroeger nooit kon.

Helaas moest ik na een weekend varen vaststellen dat de motor niet geschikt is voor mijn boot.
Over de motor zelf kan ik niks slechts zeggen, helemaal niet. Die is vernuftig en degelijk.
Maar hij kan mijn boot, vanwege zijn omvang en gewicht, niet uit nood redden als het er ooit op aan zou komen. De kracht van de motor zou dat nog wel kunnen vermoed ik, maar de batterij niet.

De batterijen zijn duidelijk erg snel op te laden. Vroeger bleek het makkelijk een 12 uur te duren, nu laadde ik de batterij op van 50% naar 100% in 3 uurtjes tijd.
Een volledige laadbeurt neemt zowat 4 uur in beslag. Best wel snel!

Ik vaarde op een ochtend om 6u30 uit, bij totaal windstil weer, en had 11% batterij verbruikt over een afstand van 1,5NM. De gemiddelde snelheid was toen 1,8 knopen. Heel mooi en rustig varen.
Op het ganse traject die dag had ik één brugje en twee sluizen te passeren, en daar wringt het schoentje voor de eerste keer: dat manoeuvreren kost veel energie. Zodoende moest ik al een batterij wisselen in de tweede sluis. Ik had me nochtans ingehouden om sneller te varen dan 2 knopen bij het in- en uitvaren van de sluizen, ook al joegen de andere boten me op. Daarnaast zeilde ik steeds zo dicht mogelijk tot bij de sluizen om batterij te sparen.

Veel geluk gehad

Na de tweede sluis, op het Grevelingenmeer werd het duidelijk hoe gevaarlijk het kan worden als je 'underpowered' bent. Ik kreeg golfslag op kop, samen met een forse 19 knopen wind.
Hier lukte het zowiezo niet meer om zuinig te varen. Bovendien was ik reeds met de tweede batterij bezig, dus reserve had ik niet meer.
Pas als ik 600 Watt input gaf, begon de Sail-Ya traagjes vooruit te gaan. Ik had geen enkele optie want ik zat totaal aan lagerwal. Ankeren kon ik evenmin ergens, en zelfs al zou ik ankeren, dan had ik geen mogelijkheid om de batterijen op te laden.
Tergend langzaam, aan die 600Watt kroop Sail-Ya tot aan de haveningang, een 300 meter verderop.
Het duurde hast een kwartier om an de haveningang te geraken. Tegen dan zat de nieuwe batterij al op 65%. Ik draaide de haven in, meerde op een slakkengangetje af aan de wachtsteiger en vroeg naar een makkelijke box. Dat werd de kop van een steiger, zodat ik net teveel moest manoeuvreren in die forse wind.

De weg terug

Daags erna moest ik uiteraard terug naar mijn haven. Deze keer echter zat de wind mee.
Het ging allemaal erg vlot, wat mijn vermoeden bevestigt: Torqeedo bepaalt de mogelijkheden van hun motoren volgens het gewicht van de boot, maar dat is wat kort door de bocht: de windvang van de boot is ook erg belangrijk.
Op de terugweg had ik één moment dat het weer wat nipt werd: een sluis invaren met een behoorlijke wind achterop. De Travel 1003 kon mijn boot niet afremmen. Als ik vol gas zou geven, dus 1000Watt input, dan zou die motor het wel kunnen, maar is je autonomie in een paar minuten makkelijk gehalveerd, en dat wil je niet.

Conclusie

De Travel 1003 is een prima motor. Licht van gewicht, echt duitse degelijkheid, best wel een flink vermogen, maar de autonomie is erg beperkt als je hem aan een behoorlijke boot hangt.
Mijn FS22 is nogal breed, weegt 1350kg, en daar had de Travel 1003 het heel moeilijk mee als er wind stond.
Op de heenweg had ik beide batterijen nodig. In het begin was het windstil en ging het vlot, maar op het einde was er flink wat wind, en had ik permanent een input nodig van meer dan 300Watt om tegen 1 knoop snelheid de sluis te bereiken. De situatie na de sluis heb je daarnet al gelezen.

Deze motor is dus HELAAS niet geschikt voor mijn boot.
Ik ben er van overtuigt dat hij voor boten zoals een Valk, of kleinere zeiljachtjes zeker geschikt is.

Ook het vaargebied is belangrijk: wie enkel op bijvoorbeeld de Grevelingen vaart met een kleiner jachtje komt er zeker mee toe. Het zijn zaken zoals sluizen en bruggen die je verplichten veel te manoeuvreren. Tijdens het aanschuiven moet je soms volgas vooruit en achteruit geven. Dat kost je veel energie.

De Cruise 2.0 had vast een betere optie geweest, maar de bijhorende batterij weegt vlot 130 kg, en daar heb je niet alleen spierballen voor nodig, maar ook nog een geschikte plaats.
Bovendien spreken we dan al van een investering van 4000 euro.
De Power lithium batterij van Torqeedo weegt slechts 20 kg  en met de handvaten aan weerszijden makkelijk te tillen, maar de kostprijs is wel iets hoger...


Ik ben nog steeds helemaal gewonnen voor elektrisch varen, en heb een hekel aan fossiele brandstoffen maar helaas laat mijn vaargebied dat niet toe.
Ik troost me met de gedachte dat wij zeilers zowiezo al weinig vervuilen, en al helemaal met zo'n klein buitenboord motortje...

Een lichtgewicht: 9kg voor de motor, 5kg voor de batterij.
Ik bespaarde makkelijk 20kg.

De 'tiller' kan normaliter maar 30° opgetild worden.
Met twee plastic blokjes en wat dubbelzijdige tape
is dat makkelijk verholpen
De afstandsbediening heb ik nooit gebruikt,
maar ik had wel reeds een korte helmstok gemaakt
om die te gebruiken in combinatie met de afstandsbediening
De display vertelt je de status van de batterij, je range, en je huidig verbruik.
Dit alles dankzij een GPS die in de batterij zit.

zondag 17 november 2013

Marifoontest en laatste hand aan de motor

Vandaag wou ik de motor helemaal klaar hebben. Daarvoor moest ik naar de boot rijden want mijn staartstukolie lag nog aan boord. Nu daar dan toch was, kon ik evengoed twee andere zaakjes regelen.
Mijn dochter was mee, en dat was best wel handig.

Eerst de marifoon getest. ik liet me even bang maken dat de antenne wel eens slecht kon zijn, of de coax, en dat een SWR meting nodig is. Als je daar een zeilersforum over naleest begin je tegenwoordig alleen nog meer te twijfelen.
(Conclusie: ik moet dringend leren minder te tobben...)
Dus: gewoon aansluiten die handel en testen, ik ben immers geen onhandige peer, en heb vast alles goed aangesloten.
Ellen aan de vaste marifoon aan boord, en ik met de handheld wat verderop. Ik koos voor kanaal 75 om zo weinig mogelijk het radioverkeer te storen.
Eerst zenden met de vaste: alles ok, dan zenden met de handheld: alles ok.
Voila: beide marifoons doen het prima.
Gelijk ook nog de ATIS geprogrammeerd.

Dan kwam de zeereling aan de beurt: die heeft een vervelende speling en nu ik de antennemast daarop wil monteren, heb ik liever helemaal geen speling. De reling wil ik er dus af om de buisuiteinden op te vullen met epoxypasta en dan opnieuw te monteren met de bestaande schroeven.
Echter: geen van de drie schroeven krijg ik los. WD40, warm maken, zware schroevendraaier of griptang: de schroeven verroeren geen vin... in elk geval zal de reling er zo niet af vallen :D

Na deze klusjes bij ocharme 5°C trokken we weer naar taverne Goeleven om er te genieten van de seizoenssoep, en ook nu was ze verrukkelijk! De erwtensoep is een absolute aanrader!

Eens thuis kwam de motor aan de beurt: nog even de staartstukolie checken en bijvullen.
Eigenlijk moet je de tube met olie in de aflaatopening duwen en dan nijpen tot er olie uit komt langs de ventilatieopening, maar dat lukte niet erg. Door de lucht in de tube blies ik er eigenlijk alleen maar olie uit langs boven.
Ik koos dan voor een andere aanpak: staartstuk horizontaal, en dan olie langs de ventilatieopening naar binnen laten lopen totdat er niks meer bij kan. Dan staart vertikaal en schroef er in. Dat staartstuk zit nu aardig vol.
Nadien de motorolie vervangen. Na een nachtje slapen besloot ik om de synthetische 10W30 alsnog af te schrijven (ik bekijk ze dan maar als spoelolie...) en te vervangen door de 10W40 die ik pas gekocht had. Het is een semi-synthetische olie van Castrol (Power RS). Een tip: zoek niet zoals ik het hele web af naar advies, want uiteindelijk wordt je er helemaal gek van...

Schroeven opwarmen: geen resultaat...

Een speling van pakweg 5mm...


Staartstukolie controleren...

Vullen tot de olie er van boven uit komt

De olie is niet melkachtig: dus geen waterinsijpeling

zondag 13 januari 2013

Een bevroren afsluiter testen

De oude afsluiter,
nog goed voor een test.
Voila, de periode waar ik al lang voor vreesde is aangebroken: vrieskou.
Het is, zoals al wel eerder geschreven, de eerste keer dat ik een boot in het water heb liggen, die dan nog voorzien is van afsluiters.
De afsluiters zijn van het type bolafsluiter.
Die heb ik behandeld met antivries, en doorgeblazen, dus normaal kan daar niets meer mee mis gaan.


De afsluiters van de kuipafvoeren hebben er een plastic slangetje door hangen, om de darmen tussen de afsluiters en de kuip te beschermen.
Omdat die afsluiters open staan kan water in de bol van de afsluiter makkelijk weg naar boven en beneden. met dat slangetje er door kan er al helemaal niets mis gaan... dacht ik.

Maar hier blijk ik het toch mis te hebben. Iemand wees me er op dat tussen de behuizing en de bol zelf ook water zit!

Dit is een test waard, dacht ik.
Ik heb een afsluiter genomen (die vroeger op de kuipafvoer zat, maar ik vervangen heb).
Die heb ik gevuld met water TUSSEN de bol en de behuizing door hem onder water te stoppen in gesloten toestand en dan open te draaien.
Ik heb dit twee keer gedaan: een eerste keer om te zien hoeveel water er nu tussen die bol en de behuizing zit, en een tweede keer om het te laten bevriezen.

1,3cm3 water
tussen bol en behuizing!
De kraan is een 1 1/4" en de test wees uit dat er 1,3cm3 water zit tussen de bol en de behuizing.
Bij het bevriezen zet water 9% uit. Is dat voldoende om deze kraan te laten barsten?

In open toestand heb ik die buiten gezet. Ze gaven een nachttemperatuur van -4°C, dus koud genoeg voor de test.


Na een nachtje was de afsluiter duidelijk bevroren, maar... niet kapot gevroren.
Wel kon ik vaag wat ijs zien tussen de dichting en de bol. Er is dus een beetje druk gelost.

De test wees dus uit dat de kraan KAN kapotvriezen in open toestand ALS de dichtingen het zeer goed houden.


Oplossing: de kraan zo veel mogelijk toe draaien, met het slangetje er door.
Of zou de kraan half toe draaien al voldoende zijn en hoeft dat slangetje niet?

Ruimte tusen bol en behuizing
waar het water zit
een beetje ijs ontsnapt tussen dichting en bol.

Kranen geisoleerd met buisisolatie en doeken er rond